Werkgroep Lezingen

""

RONDLEIDING OVER DEN AJEN KIRKHAOF IN ROERMOND

Op zondag 6 mei 2018 zal Maurice Heemels van 14.00 tot 16.00 uur een rondleiding verzorgen op de begraafplaats aan de Kapel In ’t Zand in Roermond. Deelnemers kunnen zich vóór 6 april opgeven.

Maurice Heemels, geboren in Melick, verzorgde op 24 oktober 2017 een lezing in het Heemkundemuseum. Maurice is afgestudeerd aan de Radboud Universiteit Nijmegen en gepromoveerd aan de Universiteit van Maastricht met het proefschrift ‘Op de akker des doods, waar allen gelijk worden’ met als subtitel ‘Begraafcultuur in Roermond, 1870-1940’. Het boek is verkrijgbaar in de boekhandel als nummer 80 in de reeks ‘Maaslandse monografieën’.

In deze lezing schetste hij een beeld van de begraafplaats bij de Kapel aan ’t Zand (den Aje Kirkhaof) die in 1785 is gesticht als gevolg van het edict uit 1784 van keizer Joseph II, waarin bepaald werd dat steden met een inwoneraantal boven de 1.000 verplicht werden hun doden minimaal één kilometer buiten de stadsgrens te begraven. De kerken - de rijken werden in de kerk begraven, op de aangrenzende akker de armen - hebben zich lang proberen te verzetten tegen deze aanslag op de inkomsten die zij vanaf dan zouden derven.

Het beeld dat Maurice Heemels schetst is dat de begraafplaats een kopie was van de stad van de levenden. Het aanzien dat men had tijdens het leven, werd op de akker des doods gecontinueerd. Dus het uitgangspunt dat de akker des doos ieder gelijk maakt is allerminst realiteit.

Zo werden overleden bewoners van de Swalmerstraat thuis 4 tot 5 dagen opgebaard, de kerkelijke rouwplechtigheid (meestal na 10.00 uur) was duur en druk bezocht. De stoet voor de uitvaartdienst van Louis Geraeds bestond uit meer dan 2.000 mensen, de straten werden omzoomd door kijkers en de kerk was geheel met zwarte doeken getooid, met een grote zogenoemde turkentent boven het altaar. In een stoet met koetsen werd de overledene naar de begraafplaats begeleid, waar deze werd bijgezet in het ‘eeuwigdurende’ graf, gelegen aan de brede centrale avenue zo dicht mogelijk bij de bisschopskapel.

Overleden bewoners van bijvoorbeeld de Kruisherenstraat werden zo snel mogelijk begraven, omdat er voor lang opbaren thuis geen plaats was. De kist werd in een kar naar de kerk gereden - waar de uitvaartdienst vóór 09.00 uur begon - en met dezelfde kar vervoerd naar de begraafplaats, slechts begeleid door mannelijke familieleden die het vormsel ontvangen hadden. Het graf was drie personen diep en gelegen op de moeilijker bereikbare delen van de begraafplaats.

De conclusie van de lezing was dan ook dat het kerkhof getrouw weergeeft hoe groot de standsverschillen in de periode 1870-1940 nog waren in Roermond.